dinsdag 11 oktober 2016

Palmkool oogsten en appels drogen

Alle fruit uit de vriezer is tot jam verwerkt en nu heb ik er genoeg plaats in voor de palmkool. Andere jaren ging deze pas in november of zelfs december de vriezer in. Dat is eigenlijk niet handig, de planten zien er nu op hun mooist uit. Dus heb je deze maand veel meer opbrengst dan wanneer ze een paar maanden langer in weer en wind gestaan hebben. En terwijl ik de kool buiten aan het wassen en droogzwieren ben, kom ik er achter dat het in oktober echt wel aangenamer is om met natte handen buiten te lopen dan in de laatste maanden van het jaar. Dit ga ik onthouden!



En als je nu de planten op de tuin ziet staan snap je waarom deze soort palmkool heet ; )

De beheerders van de volkstuinvereniging maken in de loop van het jaar diverse keren een inspectierondje langs alle tuinen. Ook nu is dat gebeurd en alle leden hebben het verzoek gekregen om de greppels rondom de tuinen vrij te maken. Deze greppels zorgen ervoor dat een teveel aan regenwater van de tuin kan lopen. Je kunt het je met de huidige droogte niet voorstellen maar bij hevige regenval worden, zonder greppels, alle tuinen een zompige bedoening.
Het blad van mijn pastinaken ligt over en in de greppel dus ik ga maar eens aan het rooien. Dat blijkt een goede zet te zijn want de muizen/woelratten? hebben de wortels al ontdekt. Misschien hebben ze gebrek aan vocht want pastinaken laten ze meestal staan.


Als ze de keus hebben zullen ze eerder de peterseliewortel eten. Dit weet ik uit ervaring want ik zaai naast de pastinaken ook altijd een rij peterseliewortels. Dit jaar is hiervan echter nauwelijks iets terug te vinden. Nou moet ik bekennen dat ik ze ook te dicht op de pastinaken gezaaid heb. In het voorjaar lijkt 50 cm uit elkaar ruim voldoende maar dat blijkt niet het geval te zijn.
Het blad van de pastinaken is veel groter en heeft voor schaduw gezorgd en is gedurende de zomer zelfs helemaal over de peterseliewortelplanten heen gaan liggen. De weinige peterselieworteltjes die het gered hebben zijn miezerig klein of aangevreten. Jammer dan!


Al hebben de beesten meegegeten, er is nog genoeg over. Er zijn pastinaken bij van ruim een kilo!
Ze worden ingekuild in een bak met vochtig zand die in de schuur staat. Zo blijven ze vorstvrij en nog een hele tijd goed.
De eerste pastinaken gebruik ik voor een variant op de wortelcake. Pastinaakcake! Het recept heb ik gegoogeld en er blijken heel veel varianten te zijn. Uit een paar recepten heb ik mijn eigen recept samengesteld. Ik mengde tot een dik beslag:
300 gram meel (dat kunnen ook diverse soorten door elkaar zijn bv amandelmeel/rijstemeel/havermout/spelt/tarwebloem. Net waar je van houdt),
300 gram fijngeraspte pastinaak,
150 gram gesmolten kokosolie of boter,
3 à 4 eieren,
een scheut appelsap/sojamelk/melk (naar behoefte om het beslag smeuïg te maken),
100 gram gehakte noten,
100 gram gedroogde cranberry's (even laten wellen),
snuf zout,
kaneel,
1 à 2 theelepels bakpoeder.
De pastinaak is zoet dus je hoeft geen suiker toe te voegen, zeker wanneer je ook appelsap als vocht gebruikt. Heb je behoefte aan zoeter dan kun je 100 gram zoetmiddel, of meer, toevoegen. Suiker, rijststroop of wat jouw voorkeur heeft.
Het beslag in een ingevette bakvorm doen. Het is best veel beslag dus ik heb een tulbandvorm gebruikt. Daarna heb ik het zo'n 50 minuten in een voorverwarmde oven op 165 ℃ gebakken.
!Opmerking: ik ben van het 'ongeveer en op gevoel' bakken. Gebruik daarom je eigen gevoel en ervaring bij het bakken. De cake is gaar als je er met een prikker in prikt en deze er droog uit komt.
De cake heeft een verrassende smaak en ik vind de cranberry's er perfect bij passen. Je zou er, net als  bij wortelcake, een topping op kunnen doen van romig geklopte roomkaas.

De sterappelboom in de achtertuin heeft dit jaar heel veel vrucht gedragen. Sterappels zijn prachtig en lekker maar je kunt ze niet zo heel lang bewaren.


 Een deel van de appels ga ik drogen. Dat is een intensief klusje waarbij de appels eerst geschild worden. Gelukkig heb ik daarvoor een appelschiller die meteen het klokhuis eruit haalt en de appel in schijven snijdt. Daarna 'rijg' ik de schijven op stokken en leg deze op de waslijnen op zolder. daar is het droog en warm genoeg zodat de appelschijven na een week helemaal ingedroogd zijn. Als ze echt goed droog zijn zijn ze zeker een jaar houdbaar.



Nog even nadrogen op de vensterbank tussen de laatste tomaatjes, de noten en allerlei drogende zaden.

De schillen en klokhuizen gaan in een pot met water plus een half theelepeltje gedroogde gist. Doek erover tegen de fruitvliegjes en wachten tot het gefermenteerd is tot appelazijn.


Na één dag zie je al volop belletjes ten teken dat het staat te gisten. Over een paar weken ruik ik vanzelf of het al zuur ruikt. Dan zeef ik het door een doek en klaar is mijn eigen appelazijn. Soms is het zó simpel.


Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen