dinsdag 14 juni 2016

Experimenten en vaste klanten

Elk jaar ga ik meerdere experimenten aan. Het ene lukt en het andere valt soms wat minder uit. Zo zaaide ik vorig jaar de paarse morgenster oftewel de haverwortel (een tweejarige plant). De wortel ervan is in het eerste jaar eetbaar. Een zogenaamde vergeten groente die vergelijkbaar is met schorseneren.
De planten groeiden vorig jaar prima maar helaas vond ik de wortel niet echt geweldig. Ze bleven heel dun en nauwelijks de moeite van het oogsten waard. Kwam het omdat ik ze wat dicht op elkaar had laten staan? Ik weet het niet. Ik heb de planten laten staan en kreeg nu een prachtige toegift in de vorm van bloemen.


Deze bloemen veranderen in pluizebollen, net zoals bij paardebloemen maar dan heel groot. Om te voorkomen dat ik volgend jaar alleen nog maar paarse morgenster op de tuin heb haal ik de uitgebloeide bloemen en pluizebollen weg. Wel leuk om de zaden weer uit te delen aan wie ze eens wil proberen.

Een ander probeersel was het uitzaaien van zelfgeteelde pastinaakzaden (ook een tweejarige plant). In het eerste jaar eet je de wortel en als je de plant laat staan bloeit hij in het tweede jaar met prachtig gele bloemschermen. Een aantal zaden die daaruit kwamen heb ik vorig najaar meteen in de tuin uitgezaaid, gewoon losjes uit de hand. Ik was benieuwd wanneer de zaden spontaan zouden ontkiemen en of ze de winter wel zouden overleven.
Nou, dit is gelukt kan ik wel zeggen. Alleen zijn de zaden op heel verschillende momenten ontkiemd. Een plant zag er inmiddels zo volgroeid uit dat ik hem ben gaan opgraven. Dat was een hele klus, zo diep en vast zat-ie. En al vind ik pastinaak eigenlijk meer een herfst- en wintergroente, deze ging met snijbiet de soep in wat verrassend lekker bleek te zijn.


Naast de experimenten zijn er natuurlijk heel veel jaarlijks terugkerende soorten.
Zo is de aardbeienoogst echt op volle toeren. Gelukkig liggen ze op een laag stro, anders zouden ze nu op de grond in de regen liggen en daar worden ze niet blij van. Ik haal bakken vol weg, zo rijp mogelijk geplukt en zelfs wanneer het regent. Met zo'n overvloed is het niet erg als er hier een daar een slak mee-eet. Ik heb zelfs wat planten zonder net waarvan de aardbeien voor de vogels zijn. Maar als ze ze niet opeten zijn ze voor mij : )


De tuinbonen beginnen dik genoeg te raken om te plukken. Nog niet helemaal volgroeid zijn ze superzacht van smaak.



De bloemkoolplanten zijn allemaal op dezelfde dag uitgeplant en toch zijn de planten allemaal verschillend van grootte. Een ervan heeft een schattig, vuistgroot, babybloemkooltje. Het blad vouw ik er als een dekentje overheen, dan blijft de bloemkool mooi wit. Elke keer als ik op de tuin ben zal ik kijken of het tijd is om hem te snijden (én of er geen rupsen in zitten). Te vroeg betekent een heel klein vast kooltje en te laat betekent bloeiende bloemkool. Het is altijd een beetje gokken wat het juiste moment is.


In de kas hebben de planten geen last van de enorme regenval van de afgelopen week. Ze groeien geweldig!


Bij de komkommerplanten heb ik de eerste bloemknoppen eraf gehaald. Zo kunnen de planten nog wat verder groeien en groter blad maken voordat hun energie in het vruchten maken gaat zitten. Dat doe ik ook bij de courgettes en de pompoenen.
De snackkomkommer krijgt zijn eerste komkommertjes. Nog een paar dagen en dan kan ik ze proeven.

Snackkomkommer: Picarino F1

Het AH tomaatje Red cherry doet het ook prima. Een stevige stam, meerdere bloemtrossen en zelfs al een eerste trosje beginnende tomaatjes. Alleen zitten er wat luizen op de plant, dus die moet ik even met anti-luizen knoflookspray behandelen.

Red cherry

Nog even zijn er klaprozen. Zelfs in de regen zitten er hommels op. Die laten zich net zo min weerhouden als moestuinders.


Geen opmerkingen:

Een reactie posten